‘In de leer bij de TechniekFabriek’

De maatschappij verandert razendsnel. En daarmee veranderen ook het werk, de banen en arbeidsmarkt. Het mbo probeert de ontwikkelingen te volgen, maar dat is nog niet zo gemakkelijk. Hoe kan het beter? Volgens mij ligt het antwoord in de hybride leeromgeving, oftewel de omgekeerde leerweg. Want daar worden studenten voorbereid op de praktijk van de toekomst. 

‘Weer wc’s in de Sprinters van de NS’, was te lezen in de krant. En die bewuste wc’s die het afval opslaan in vaten en vervolgens drogen, staan al op de werkplaats van de TechniekFabriek in Amsterdam. Studenten Mechatronica niveau 2 van het ROC van Twente en het ROC van Amsterdam leren ermee werken nog voor ze daadwerkelijk geïnstalleerd worden in de trein. Dit doen zij in het kader van hun tweejarige opleiding waarbij ze leren vanuit de praktijk, ondersteund door de bijbehorende theorie. Een mooi staaltje hybride leeromgeving. Op maandag 18 april was ik bij de presentatie van het Expertisecentrum Beroepsonderwijs (ecbo) waarbij een onderzoek werd gepresenteerd naar de tevredenheid van studenten van de TechniekFabriek, die sinds 2014 bestaat. Aan tafel zaten studenten, praktijkopleiders, onderzoekers,  beleidsmakers en de werkgever NedTrain. Het onderzoek laat zien dat het leren werken en werkend leren een positieve invloed heeft op de leertevredenheid en -uitkomsten van de studenten. 

Voorbode

Ik zie de hybride leeromgeving als een kijkje in de toekomst, een voorbode. Meer ROC’s zijn er terecht enthousiast over. Het verkleint niet alleen de kloof tussen mbo en maatschappij, maar het zet ook de student centraal. Hoe zorg je ervoor dat een student nu en in de toekomst leert? Wat heeft hij of zij nodig om een goede burger te worden? Dat vraagt flexibiliteit van het onderwijs. Urennormen, strikt BBL of juist BOL, theorie of praktijk, centrale examinering of juist op de werkplek; het programma is een leidraad, de regels moet je slim hanteren. Daar is een rol voor mij als accountmanager weggelegd. Ik vang deze signalen op en koppel ze terug naar het ministerie. Tegelijkertijd zijn de samenwerkingspartners binnen een regio belangrijk. Denk aan bedrijven, onderwijs, gemeente, jeugdzorg en maatschappelijk werk. En de rol van pedagogisch en inhoudelijk goede praktijkopleiders is cruciaal. Want eigenlijk is het een oud concept: je gaat net als vroeger bij een gilde ‘in de leer’. Iets wat in de gezondheidszorg al gebeurt. 

Spanning

Van de driehonderd jongeren die zich jaarlijks bij de TechniekFabriek aanmelden, is plek voor dertig. Deze studenten hebben een baangarantie en leren tijdens de opleiding al hun toekomstige werkgever kennen. Een prachtige kans. Tegelijkertijd ligt er ook een grote uitdaging. Hoe zorgen we voor een passende opleiding voor alle mbo’ers? Het is de spanning tussen kwaliteit en toegankelijkheid. Met die vraag moeten we verder.”

Peter Lourens
Accountmanager Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Reactie toevoegen

U kunt hier een reactie plaatsen. Ongepaste reacties worden niet geplaatst. Uw reactie mag maximaal 2000 karakters tellen.

Uw reactie mag maximaal 2000 karakters lang zijn.

Reacties

Er zijn nu geen reacties gepubliceerd.